Een ontslag op staande voet voelt soms logisch, maar kan juridisch volledig mislopen. Dat blijkt uit een recente uitspraak over grensoverschrijdend gedrag, die ook voor schoonmaakbedrijven veelzeggend is.
In deze zaak werd een werknemer met 35 dienstjaren bij een zorginstelling op staande voet ontslagen na twee incidenten die collega’s als grensoverschrijdend en onveilig ervoeren. Bij het eerste incident trok hij de tuniek van een collega open, enkele dagen later streek hij met een veger over het lichaam van een andere collega. De werkgever had een zerotolerancebeleid voor ongewenst gedrag en wilde een duidelijk signaal afgeven door de werknemer op staande voet te ontslaan. Toch vernietigde de kantonrechter het ontslag.
De juridische valkuil zat niet in het morele oordeel over het gedrag, maar in de timing van het ontslag. Voor een geldig ontslag op staande voet eist de wet een dringende reden én dat het ontslag “onverwijld” wordt gegeven, dus direct na kennisname van het incident, met hooguit een kort en voortvarend feitenonderzoek. In deze zaak zat er ruim twee weken tussen het eerste incident en het ontslag, mede doordat de leidinggevende het voorval pas later meldde. Dat was te laat: moreel gelijk, maar juridisch ongelijk (en onhandig).
De financiële gevolgen waren fors. Het ontslag werd vernietigd, waardoor de arbeidsovereenkomst juridisch doorliep (maar werd vervolgens wel ontbonden door de rechter). De werkgever moest loon met terugwerkende kracht betalen tot de ontbindingsdatum, plus wettelijke verhoging en rente. Omdat het gedrag niet als “ernstig verwijtbaar” werd aangemerkt, kreeg de werknemer ook nog een transitievergoeding van ruim € 48.000. Voor werkgevers in de schoonmaakbranche – waar teams vaak klein zijn en relaties hecht – kan één fout in het proces dus flink in de papieren lopen.
Deze zaak is slechts één voorbeeld. Sociale veiligheid op de werkvloer gaat bovendien verder dan incidenten tussen collega’s. Medewerkers moeten zich veilig voelen om misstanden te melden, zonder angst voor overplaatsing, ontslag of non‑actiefstelling. In 2025 zochten bijna 700 mensen advies bij het Huis voor Klokkenluiders, een stijging van bijna 50 procent ten opzichte van 2024, en negen op de tien melders ervaart benadeling door de werkgever. Toezicht en handhaving op het verbod op benadeling ontbreken voorlopig nog; werknemers moeten zelf naar de rechter voor genoegdoening.
Wat vraagt dit van schoonmaakbedrijven? Zerotolerance “op papier” is niet genoeg. Organisaties hebben behoefte aan duidelijke gedrags- en meldcodes, goed getrainde leidinggevenden, zorgvuldig feitenonderzoek en een juridisch houdbare aanpak bij meldingen van grensoverschrijdend gedrag of pesten op de werkvloer. De grootste risico’s zitten vaak bij de eerste leidinggevende: zien, niets doen en later alsnog hard ingrijpen, is vragen om juridische problemen.
Om werkgevers en HR in de schoonmaakbranche te helpen, organiseert The Legal Company op 9 april 2026 een ontbijtsessie over de zorgplicht van werkgevers bij psychosociale arbeidsbelasting (PSA) en sociale veiligheid. In drie uur praten ondernemingsjuristen mr. Hella Vercammen (gecertificeerde vertrouwenspersoon) en mr. Bente Brouwer u bij over recente rechtspraak, klokkenluiders, meldingen van misstanden en de steeds hogere lat voor een veilige werkvloer. U krijgt praktische tips, herkenbare casussen en concrete handvatten, direct toepasbaar in uw organisatie.
Aanmelden kan via deze link: https://thelegalcompany.nl/masterclasses/ontbijtsessie-zorgplicht-psychosociale-veiligheid-op-de-werkvloer-de-lat-ligt-steeds-hoger/ of telefonisch via 020 – 345 01 52 of per mail aan info@thelegalcompany.nl
[1] https://uitspraken.rechtspraak.nl/details?id=ECLI:NL:RBLIM:2026:325