Dagschoonmaak is actueel. Er verschijnen regelmatig publicaties over de voordelen van schoonmaken tijdens kantooruren en steeds meer organisaties onderzoeken of werkzaamheden die traditioneel vroeg in de ochtend of in de avond worden uitgevoerd, naar de dag kunnen worden verplaatst. Daarbij worden vooral het personeelstekort, aantrekkelijkere werktijden, duurzaamheid en een betere zichtbaarheid en waardering van schoonmakers als argumenten genoemd.
Dagschoonmaak wordt daarmee steeds vaker gepresenteerd als een van de antwoorden op het aanhoudende personeelstekort in de schoonmaakbranche. Schoonmakers hoeven niet meer uitsluitend vroeg in de ochtend of ’s avonds te werken, krijgen meer contact met gebouwgebruikers en worden zichtbaarder. Maar achter deze voordelen zit een belangrijke vraag: is dagschoonmaak werkelijk voor iedere werknemer, opdrachtgever en schoonmaakondernemer een verbetering?
Dat die discussie nodig is, blijkt alleen al uit de arbeidsmarkt. Een groot deel van de schoonmakers werkt in deeltijd en veel medewerkers hebben relatief kleine contracten. Tegelijkertijd kampen schoonmaakbedrijven met moeilijk vervulbare vacatures. Het lijkt dan aantrekkelijk om schoonmakers overdag langere diensten aan te bieden en werkzaamheden op één locatie te combineren.
Dagschoonmaak kan inderdaad voordelen opleveren. Een schoonmaker die bijvoorbeeld van 09.00 tot 15.00 uur op één kantoor werkt, heeft een heel ander arbeidsritme dan iemand die om 06.00 uur twee uur werkt en aan het einde van de middag of ’s avonds opnieuw op pad moet. Langere aaneengesloten diensten kunnen het beroep aantrekkelijker maken en bovendien het aantal reisbewegingen verminderen.
Daar staat tegenover dat niet iedere schoonmaker zit te wachten op een overstap naar kantooruren. Voor sommige medewerkers is schoonmaakwerk juist aantrekkelijk omdat het kan worden gecombineerd met ander werk, een opleiding of de zorg voor kinderen. Wie bewust van 06.00 tot 09.00 uur werkt, heeft mogelijk helemaal geen behoefte aan een dienst midden op de dag.
Daarom moet worden voorkomen dat dagschoonmaak als dé oplossing voor het personeelstekort wordt gepresenteerd. De werknemer moet een belangrijke stem houden in de keuze van de werktijden.
Ook opdrachtgevers moeten bewegen. Dagschoonmaak betekent immers dat schoonmakers hun werkzaamheden uitvoeren terwijl kantoren, scholen en andere gebouwen volop worden gebruikt. Een schoonmaker kan niet efficiënt een vergaderruimte reinigen wanneer daar voortdurend wordt vergaderd. Hetzelfde geldt voor sanitaire ruimtes, entrees en drukbezette werkplekken.
Ook stofzuigen, machinale vloerreiniging en werkzaamheden waarbij een vloer tijdelijk niet gebruikt kan worden, kunnen tijdens kantooruren voor problemen zorgen. Dagschoonmaak betekent daarom niet simpelweg dat een schoonmaakbedrijf dezelfde werkzaamheden van 19.00 uur naar 11.00 uur verplaatst. Het schoonmaakprogramma moet mogelijk volledig anders worden ingericht.
Daar komt nog een bedrijfseconomische vraag bij. Een schoonmaker die ’s avonds een leeg kantoor schoonmaakt, kan vaak systematisch van ruimte naar ruimte werken. Overdag moet diezelfde medewerker mogelijk wachten totdat een vergaderkamer vrijkomt of om medewerkers en bezoekers heen werken. Als daardoor minder vierkante meters per uur kunnen worden schoongemaakt, heeft dat gevolgen voor de calculatie.
Wie betaalt die extra tijd?
Dat is een vraag die bij de opdrachtgever thuishoort en niet uitsluitend bij het schoonmaakbedrijf. Wanneer opdrachtgevers dagschoonmaak willen vanwege duurzaamheid, sociale voordelen of een betere werkbeleving, moet daar in het contract voldoende ruimte voor worden gemaakt. Een aanbesteding waarin dagschoonmaak wordt gevraagd, maar waarin tegelijkertijd dezelfde scherpe productiviteitsnormen en lage prijs leidend blijven, kan in de praktijk juist extra druk op schoonmakers veroorzaken.
Tegelijkertijd biedt zichtbaarheid grote kansen voor het vak. Schoonmakers die overdag werken zijn niet langer de mensen die binnenkomen wanneer iedereen naar huis is. Ze worden onderdeel van de dagelijkse organisatie. Medewerkers van de opdrachtgever zien wie hun werkplek schoonhoudt, kunnen vragen stellen en kunnen direct aangeven wanneer ergens extra aandacht nodig is.
Die zichtbaarheid kan bijdragen aan meer waardering en respect voor schoonmakers. Het biedt bovendien mogelijkheden om schoonmaak te combineren met andere facilitaire werkzaamheden. Denk aan het aanvullen van voorraden, afvalrondes, het controleren van vergaderruimtes of andere ondersteunende werkzaamheden. Daarmee kunnen langere arbeidscontracten ontstaan.
Ook vanuit duurzaamheid is dagschoonmaak interessant. Schoonmakers die meerdere korte diensten op verschillende locaties draaien, maken relatief veel reisbewegingen. Door werkzaamheden op één locatie te bundelen kan dat worden verminderd. Bovendien hoeven gebouwen mogelijk niet speciaal voor de schoonmaak ’s avonds langer verlicht, verwarmd of toegankelijk te blijven.
Maatwerk
Voor kleinere en middelgrote schoonmaakbedrijven is echter vooral maatwerk noodzakelijk. Een groot kantoor, ziekenhuis, school, winkelcentrum en productiebedrijf zijn niet met elkaar te vergelijken. Wat op de ene locatie uitstekend werkt, kan op een andere locatie praktisch onmogelijk zijn.
De vele aandacht en publicaties over dagschoonmaak zijn daarom positief, omdat ze de discussie over de organisatie en waardering van schoonmaakwerk stimuleren. Tegelijkertijd moet worden gewaakt voor het beeld dat dagschoonmaak automatisch leidt tot betere banen, minder personeelstekorten en lagere kosten. Uiteindelijk moet het op de werkvloer ook uitvoerbaar zijn.
De discussie zou daarom niet moeten gaan over de vraag of de hele branche moet overstappen op dagschoonmaak. Veel belangrijker is de vraag hoe opdrachtgevers en schoonmaakbedrijven samen het werk kunnen organiseren waardoor schoonmakers aantrekkelijkere banen krijgen zonder dat productiviteit, veiligheid en rendement onder druk komen te staan.
Dagschoonmaak kan een deel van het antwoord zijn op het personeelstekort. Maar alleen wanneer de opdrachtgever bereid is mee te veranderen, het contract daarop wordt ingericht én de schoonmaker zelf daadwerkelijk iets te kiezen heeft.
Tekst : Redactie SIEV Dagblad.