De Basisvakopleiding Schoonmaken, voor veel medewerkers het startpunt voor een professionele loopbaan in de schoonmaakbranche, wordt opnieuw tegen het licht gehouden. RAS wil met schoonmaakbedrijven in gesprek over de inhoud van de opleiding en onderzoekt of de huidige eindtermen nog voldoende aansluiten bij de dagelijkse praktijk.
Daarbij wordt niet alleen gekeken naar wat een schoonmaakmedewerker tegenwoordig moet kennen en kunnen. Ook de manier waarop kandidaten uiteindelijk worden beoordeeld, staat ter discussie. Mogelijke veranderingen aan het RAS-examen maken onderdeel uit van de gesprekken.
Dat is een belangrijke ontwikkeling. De Basisvakopleiding Schoonmaken vormt al jarenlang een fundament onder de vakopleiding in de sector. Medewerkers leren er niet alleen verschillende schoonmaakmethoden en het juiste gebruik van materialen en middelen, maar ook veilig, ergonomisch en professioneel werken.
De praktijk verandert echter. Schoonmaakbedrijven werken met nieuwe machines, andere materialen en steeds vaker met digitale hulpmiddelen. Tegelijkertijd worden vanuit opdrachtgevers hogere eisen gesteld aan duurzaamheid, kwaliteit en communicatie. Van schoonmaakmedewerkers wordt bovendien steeds meer zelfstandigheid verwacht.
Voor RAS is dat aanleiding om samen met bedrijven te bekijken of de huidige opleiding en toetsing nog voldoende aansluiten op het werk van vandaag én morgen.
Voor werkgevers is het belangrijk dat zij bij die discussie worden betrokken. Zij zien dagelijks waar nieuwe medewerkers tegenaan lopen en welke vaardigheden op de werkvloer werkelijk nodig zijn. Zeker voor kleinere en middelgrote schoonmaakbedrijven is een praktijkgerichte opleiding van belang. Een opleiding moet medewerkers immers ondersteunen bij hun werkzaamheden en niet vooral bestaan uit theorie die nauwelijks op de werkvloer terugkomt.
Ook de mogelijke aanpassing van het examen verdient aandacht. Binnen andere opleidingen in de schoonmaakbranche is al een beweging zichtbaar waarbij praktijkvaardigheden en ontwikkeling tijdens het opleidingstraject een grotere rol krijgen. Zo wordt bij de vernieuwde opleiding voor meewerkend voorman en -vrouw gewerkt met een diplomadossier en praktijkopdrachten.
De vraag is of elementen van zo’n aanpak uiteindelijk ook een plaats krijgen binnen de Basisvakopleiding Schoonmaken. Daarover is nog geen besluit genomen. Juist mkb-schoonmaakbedrijven kunnen vanuit hun dagelijkse praktijk duidelijk maken waaraan een goede basisopleiding moet voldoen.
Want welke vorm de opleiding uiteindelijk ook krijgt, één uitgangspunt zou centraal moeten blijven staan: een schoonmaakdiploma moet aantonen dat iemand het vak in de praktijk beheerst en goed voorbereid aan het werk kan.
Tekst: Redactie SIEV Dagblad.