Een schoonmaakbedrijf verliest een opdracht en een andere onderneming neemt het werk over. Op papier lijkt dat een eenvoudige wisseling van dienstverlener, maar in de praktijk kan een contractwisseling grote gevolgen hebben voor werkgevers en medewerkers. Vooral wanneer werknemers ziek zijn, arbeidsvoorwaarden ter discussie staan of onduidelijkheid bestaat over de personeelsovername, kunnen ingewikkelde situaties ontstaan. De RAS, rechtbank Amsterdam en de stichting Code Verantwoordelijk Marktgedrag delen hierover hun ervaringen.
Voor kleinere schoonmaakbedrijven zijn de belangen groot. Het verlies van een omvangrijk schoonmaakcontract betekent niet alleen omzetverlies, maar kan ook gevolgen hebben voor de personeelsbezetting en de financiële verplichtingen van de onderneming.
De verantwoordelijkheden bij contractwisseling staan opnieuw in de belangstelling. Schoonmaakjournaal besteedde op 27 oktober aandacht aan de vraag welke verplichtingen bij de vertrekkende werkgever blijven liggen en welke verantwoordelijkheden mogelijk overgaan naar het schoonmaakbedrijf dat de opdracht overneemt.
Een belangrijk uitgangspunt is dat het verliezen van een schoonmaakopdracht niet automatisch betekent dat een werkgever van alle verplichtingen tegenover zijn medewerkers is verlost. De arbeidsovereenkomst blijft bestaan, tenzij deze op een rechtsgeldige manier eindigt of overgaat naar een andere werkgever.
In de schoonmaakbranche bevat de cao specifieke afspraken over contractwisseling en het aanbieden van arbeidsovereenkomsten aan medewerkers die op het betreffende object werkzaam zijn. Of een werknemer daadwerkelijk onder deze regeling valt, hangt af van de toepasselijke cao-bepalingen en de omstandigheden van de situatie.
Daarnaast kan sprake zijn van overgang van onderneming. Dat is een afzonderlijke wettelijke regeling waarbij arbeidsovereenkomsten onder bepaalde voorwaarden automatisch overgaan naar de nieuwe werkgever. Of daarvan sprake is, moet aan de hand van de feiten worden beoordeeld. Bij arbeidsintensieve dienstverlening, zoals schoonmaak, kan onder meer van belang zijn of een wezenlijk deel van het personeel wordt overgenomen.
Ziekteverzuim maakt een contractwisseling extra ingewikkeld. Wanneer een werknemer arbeidsongeschikt is, spelen niet alleen afspraken over personeelsovername, maar ook verplichtingen rond loondoorbetaling en re-integratie.
Een vertrekkend schoonmaakbedrijf kan er daarom niet zonder meer van uitgaan dat de verantwoordelijkheid voor een zieke medewerker automatisch eindigt zodra het schoonmaakcontract afloopt. Tegelijkertijd kan ook het overnemende bedrijf met verplichtingen te maken krijgen wanneer de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig overgaat.
Voor werkgevers is het van belang onderscheid te maken tussen de contractuele afspraken met de opdrachtgever, de verplichtingen uit de cao en de wettelijke rechten van werknemers. Deze drie onderdelen vallen niet altijd samen.
Volgens de RAS moet de nieuwe opdrachtnemer in beginsel een arbeidsovereenkomst aanbieden aan schoonmakers die minimaal anderhalf jaar op het object werken en over het vereiste basisvakdiploma beschikken. Daarbij gelden uitzonderingen en aanvullende voorwaarden. Werknemers die niet onder de overnameregeling vallen, blijven in principe bij hun bestaande werkgever in dienst.
Vooral bij langdurig ziekteverzuim kunnen de financiële gevolgen aanzienlijk zijn. Een recente uitspraak van de rechtbank Amsterdam onderstreept hoe belangrijk het is om de juiste datum van contractwisseling vast te stellen. In die zaak ontstond discussie over een zieke schoonmaakmedewerkster en de vraag welk bedrijf haar loon moest doorbetalen. De rechter oordeelde dat de nieuwe opdrachtnemer verantwoordelijk was, waarbij de datum waarop het nieuwe schoonmaakcontract juridisch tot stand kwam doorslaggevend was.
Maar contractwisseling roept ook een andere vraag op. Wat gebeurt er wanneer medewerkers na hun overstap naar een nieuwe werkgever te maken krijgen met verslechterende arbeidsomstandigheden?
Daarbij is zorgvuldigheid essentieel. Een verloren aanbesteding mag geen aanleiding zijn om een concurrent op basis van vermoedens te beschuldigen. Tegelijkertijd verdienen concrete signalen over onveilige werksituaties of overtredingen van arbeidsvoorwaarden serieuze aandacht.
Ook opdrachtgevers spelen hierin een belangrijke rol. Zij bepalen bij aanbestedingen mede de financiële en organisatorische voorwaarden waaronder schoonmaakbedrijven hun werkzaamheden moeten uitvoeren. Een lage inschrijfprijs kan aantrekkelijk zijn, maar mag niet ten koste gaan van veilige arbeidsomstandigheden, voldoende materialen en fatsoenlijke beloning.
De Code Verantwoordelijk Marktgedrag benadrukt daarom het belang van realistische afspraken tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers. Niet alleen de prijs, maar ook kwaliteit, werkdruk en het welzijn van schoonmaakmedewerkers verdienen aandacht.
Voor kleinere schoonmaakondernemers is het verstandig om bij iedere contractwisseling tijdig vast te leggen welke medewerkers voor overname in aanmerking komen, welke arbeidsvoorwaarden gelden en hoe wordt omgegaan met openstaande verlofrechten en ziekteverzuim.
Ook een zorgvuldige overdracht van personeelsgegevens, met inachtneming van de privacyregels, kan latere conflicten voorkomen. De belangrijkste les is dat contractwisseling veel verder gaat dan het overdragen van sleutels, materialen en werkzaamheden. Achter iedere aanbesteding staan medewerkers met rechten en werkgevers met verplichtingen.
Een schoonmaakcontract kan van eigenaar veranderen, maar daarmee verdwijnen de verantwoordelijkheden tegenover medewerkers niet. De precieze juridische verplichtingen hangen af van de cao en de omstandigheden van de contractwisseling. De bredere verantwoordelijkheid voor veilig en fatsoenlijk werk raakt de gehele schoonmaakbranche.
Tekst: Redactie SIEV Dagblad.