AWOG op weg naar zelfopheffing?
De AWOG is voornemens zichzelf op te heffen. Tenminste, zo lijkt het misschien niet formeel, maar inhoudelijk wel. Het laatste plan is om alle reinigingswerkzaamheden boven de 7.5 meter dat met een wassteel wordt uitgevoerd te gaan verbieden en een andere werkmethode in te zetten (denk aan hoogwerker). Daarbij zal de tijdsregistratie kunnen vervallen en maken glazenwassers alleen gebruik van stokken die geschikt zijn tot de eerste verdieping. Heeft de AWOG zich gerealiseerd wat dit betekent voor de concurrentiepositie tussen de branche en ZZP-ers? Wat veel opdrachtgevers gaan doen als ze vernemen dat de glasbewassing een flink stuk duurder wordt door inzet van hoogwerkers? Laat staan wat glazenwassers er zelf van vinden die nu veel langer bezig zijn bij bepaalde objecten? Of alle, vaak kleinere, glazenwasbedrijven die geen eigen hoogwerker hebben versus degenen die er wel een hebben?
Eerst die noodzakelijke nuance
Laten we meteen een nuance aanbrengen. AWOG is feitelijk een platform binnen onze collega branchevereniging Schoonmakend Nederland, en het lijkt er ook op dat deze insteek heel voordelig uitpakt voor de grotere spelers in de schoonmaaksector via hun branchevereniging. Dat zal ondanks de vele gezamenlijke activiteiten toch telkens het verschil tussen beide verenigingen blijven. En tegelijkertijd de reden hoe we elkaar blijven versterken.
De gedachte is begrijpelijk, het plan niet
Als SieV begrijpen wij de gedachte achter het plan. De inzet van de wassteel heeft immers aantoonbaar de belasting van de rugspieren bij het gebruik van ladders weten op te heffen en een forse reductie van valincidenten door ladders. Tegelijkertijd heeft langdurig werken met de wassteel geleid tot nekklachten, omdat medewerkers (te) lang omhoog kijken. Maar vergeet niet dat de meeste glazenwassers het “comfortabele” waspak niet willen dragen (imago), de werkgever het niet wil of kan aanschaffen (kostentechnisch) en de glazenwasser zelf graag snel klaar wil zijn met de werkzaamheden. Maar zeker ook doordat het merendeel van de glazenwassers niet actief gestuurd worden om zich aan de “werktijden” te houden en commercieel gezien glazenwasbedrijven offreren met de inzet van de wassteel omdat dit commercieel aantrekkelijker is. En, last but not least: de opdrachtgevers weten eigenlijk ook niet wat de regels en vereisten zijn voor de glasbewassing van “hun” pand en blijven daardoor de verkeerde uitvraag doen.
Wat betreft die fysieke (over)belasting kunnen we overigens nog wel meer beroepsgroepen noemen, zoals schilders, stukadoors en zelfs iedere automobilist die uren in de auto zit. Toch heeft daar nooit iemand een verbodsvoorstel voor opgesteld.
De sector hééft al oplossingen
De sector heeft hier bovendien al volwassen oplossingen voor ontwikkeld. Beperking van de inzetduur van de wassteel, vastgelegd in de administratie. Toezicht daarop door de Arbeidsinspectie. De ontwikkeling van steeds lichtere en dus beter bruikbare wasstelen. En daarnaast innovatieve hulpmiddelen zoals het waspak, die de fysieke belasting aantoonbaar verminderen.
Dat systeem werkt. Of beter gezegd: het kán werken, mits men het serieus neemt.
Overleg met de MKB brancheorganisatie – was er niet
In geen enkel overleg waar SieV bij betrokken is geweest is er in de afgelopen jaar gesproken over het idee wat nu op tafel is gelegd. Niet bij het leidende RAS waar de nieuwe afspraken rondom opleiden zijn gemaakt en niet in de gezamenlijke gesprekken met de Arbeidsinspectie. Dit roept de vraag op: wie heeft dit nu bedacht? En belangrijker nog: wie heeft hier nu baat bij?
Einde van het mkb in glasbewassing
SieV heeft gesproken met vakmensen, leveranciers en arbo-experts. De conclusie is unaniem: dit plan betekent het einde van de sector zoals we die kennen.
Men stelt dat omdat de kosten van hoogwerkers voor de kleinere ondernemers onbetaalbaar gaan zijn, en ook de meeste opdrachtgevers geen bereidheid zullen hebben deze extra aanvullende kosten te betalen. En bovendien zal de sector een Zzp- activiteit gaan worden.
Het speelveld wordt opnieuw scheefgetrokken.
Arbeidsinspectie: bescherming loslaten?
Wat minstens zo zorgelijk is, is de mogelijke steun vanuit de Arbeidsinspectie. Immers schrapt men in het voorstel alle controle en regelgeving onder de 7.5 meter terwijl juist díe regelgeving diende te zorgen voor een gezonde werksituatie. Sterker nog: er gaan geluiden dat men ook de ladder wil herintroduceren. Een stap terug naar de Middeleeuwen. Minder regels betekent hier niet méér veiligheid, maar minder werknemersbescherming. Een niet eerder geziene situatie, en hopelijk niet ingegeven door de onderbezetting bij de Arbeidsinspectie. Waar is de rol en verantwoordelijkheid van de opdrachtgever, werkgever en van de glazenwasser zelf gebleven?
Ondertussen bij het UWV…
Nu is onderbezetting niks nieuw ten nadele van onze sector. En vindt het UWV ook dat het tweede ziektejaar gewoon moet blijven bestaan omdat ze niet de capaciteit hebben om alle juiste afwikkeling in het eerste jaar te verzorgen. In plaats van hun werk te doen laten ze liever de werkgevers de kosten van het tweede ziektejaar gewoon betalen, en onze sympathieke onderhandelaars aan werkgeverszijde zijn destijds ook nog zo vriendelijk geweest om niet 70% of 90% van het loon als doorbetaling te accepteren maar zelfs 100%! Degenen die daar verantwoordelijk voor waren roepen nu dat het anders moet maar negeren het feit dat ze wel zelf verantwoordelijk zijn voor deze eveneens belachelijke situatie.
Het Zzp-effect: olie op het vuur
Tijdens het door SieV georganiseerde Nationaal Schoonmaakdebat in november 2025 bleek nog maar eens dat de Zzp’er zich op eenvoudige wijze kan ontdoen van al die regels. Immers gaat de RI&E over de veilige situatie voor de werknemer en laat de Zzp- dat nu net niet zijn. Er zal dan ook een grote vlucht in deze richting gaan ontstaan wat zal zorgen dat bedrijven hun medewerkers kwijt zullen raken of “adviseren” om zelfstandig te worden (biedt kansen). De Zzp-groei zal flink toenemen. Als ondernemer huur je je eigen oud-personeel weer in en levert slechts wat marge in op de kostprijs. Geen enkele glazenwasser wordt daar gezonder of blijer van.
De echte oplossing: maak er weer een vak van
Er ís een oplossing. Leer mensen de regels HOE je op een juiste wijze met de wassteel werkt. Leg uit waarom tijdsbeperkingen bestaan. Wanneer je de wassteel wel en vooral niet inzet. Leer weer hoe je een raam zeemt, hoe je wisselt van techniek en hoe je verslaglegging doet. Maak de inzet van innovatieve oplossingen toegankelijk voor de medewerkers.
Dat de RAS overweegt de wassteel uit de basisopleiding te halen is in dit licht zorgelijk. Juist door deze techniek vanaf eerste moment goed én serieus aan te leren, kun je uitleggen waar de grenzen liggen.
En zorg dat opdrachtgevers en gebouwbeheerders hun verantwoordelijk nemen voor de glasbewassing en vooral de vereisten op welke wijze hun pand gewassen moet worden. Ook zij hebben een belangrijke invloed in dit hele verhaal!
Onze oproep
Als SieV roepen we alle partijen op zich goed achter de oren te krabben bij dit onderwerp. Het vak glasbewassing is te mooi om het op deze manier richting de afgrond te duwen.
Investeer in kennis, opleiding en naleving. Maak er weer een vak van voor echte glazenwassers. EN luister ook naar de glazenwassers zelf! Laat de sector niet kapotmaken door plannen die vooral het grootbedrijf dienen.
Als branchevereniging SieV zullen we altijd het mkb blijven steunen en alles in het werk stellen om dit onzalige plan niet te laten slagen. Onze deur staat wijd open voor die bedrijven die hier ook klaar mee zijn.
Bron: Het bestuur van branchevereniging SIEV.