De uitspraak van de rechtbank Leiden, over een arbeidsongeval met schoonmakers (Wie is verantwoordelijk voor arbeidsongeval met schoonmakers? – SIEV Dagblad) kan gote gevolgen hebben voor de branche. Als opdrachtgever word je dan ook bijzonder kwetsbaar.
“De rechter oordeelde dat de groothandel (de opdrachtgever) het uitzendbedrijf moet vrijwaren voor alles wat het uitzendbedrijf aan de schoonmaker moet betalen”, is in Facto te lezen. “In de afspraken tussen deze partijen was vastgelegd dat de groothandel verantwoordelijk was voor de voorschriften en instructies op de werkvloer. Omdat het ongeval mede samenhing met het ontbreken van voldoende veiligheidsinstructies, is de groothandel daarin tekortgeschoten”.
Kortom, dit gaat de opdrachtgever heel veel geld kosten. Journalist Bart Bakker, die samen met bestuurslid Rolien van Groeningen gespreksleider was bij het Nationale Schoonmaakdebat over aansprakelijkheid, dook namens SIEV-Dagblad verder in de materie. Hij ontleedde de uitspraak.
De kern van de uitspraak is dat:
“De groothandel verantwoordelijk was voor de voorschriften en instructies op de werkvloer. Omdat het ongeval mede samenhing met het ontbreken van voldoende veiligheidsinstructies, is de groothandel daarin tekortgeschoten.”
Gevolgen voor de opdrachtgever (de groothandel)
- Aansprakelijkheid voor het ongeval
Omdat de groothandel verantwoordelijk was voor het opstellen en naleven van veiligheidsvoorschriften, maar dat niet (voldoende) heeft gedaan, wordt de zorgplicht geschonden. Dat betekent dat de groothandel aansprakelijk kan worden gesteld voor (een deel van) de schade die is ontstaan door het arbeidsongeval. - Financiële gevolgen
De groothandel kan worden veroordeeld tot het vergoeden van letselschade aan het slachtoffer (of diens werkgever als het om een inlener of opdrachtnemer ging). Dat kan bestaan uit:- Medische kosten en revalidatiekosten
- Inkomensschade
- Smartengeld
- Eventuele juridische kosten
- Verhoogd aansprakelijkheidsrisico bij toekomstige opdrachten
De uitspraak bevestigt dat een opdrachtgever niet zomaar kan wijzen naar een ingehuurde partij of aannemer. Als in de afspraken staat dat de opdrachtgever (in dit geval de groothandel) verantwoordelijk is voor de veiligheidsinstructies, dan moet die verantwoordelijkheid ook daadwerkelijk worden nageleefd.
→ Bij vergelijkbare situaties in de toekomst moet de opdrachtgever duidelijk vastleggen én controleren dat veiligheidsvoorschriften worden toegepast. - Reputatieschade en toezicht
Een gerechtelijke uitspraak waarin wordt vastgesteld dat een opdrachtgever tekortschiet in veiligheid kan ook leiden tot reputatieschade, verhoogde aandacht van arbeidsinspectie of verzekeraars, en mogelijk hogere premies voor aansprakelijkheidsverzekeringen.
Juridische context
De uitspraak draait om de zorgplicht van de werkgever of opdrachtgever (artikel 7:658 BW).
Ook als het slachtoffer niet direct in dienst was, kan de opdrachtgever aansprakelijk zijn als hij:
- feitelijke zeggenschap had over de werkomstandigheden, en
- naliet om voor een veilige werkomgeving te zorgen.
In dit geval is de redenering:
De groothandel had de verantwoordelijkheid voor veiligheidsinstructies, die ontbraken, daardoor heeft het ongeval kunnen gebeuren, dus is de groothandel tekortgeschoten en (mede) aansprakelijk.
Samenvatting
De gevolgen voor de opdrachtgever zijn dus:
- Juridisch: aansprakelijkheid wegens schending zorgplicht
- Financieel: schadevergoeding aan het slachtoffer
- Praktisch: noodzaak tot verbetering van veiligheidsbeleid en instructies
- Reputatie: risico op negatieve publiciteit en toezicht
Bron: Redactie SIEV Dagblad.