Een deel van de medewerkers van de Rijksschoonmaakorganisatie (RSO) legt vanaf 14 april het werk voor 72 uur neer. De actie maakt deel uit van een landelijke staking van rijksambtenaren, die is uitgeroepen vanwege het vastgelopen cao-overleg met het Rijk.
Door Bart Bakker
De staking raakt schoonmakers die werkzaam zijn in overheidsgebouwen, zoals ministeries en andere rijkskantoren. Gedurende drie dagen zullen zij hun werkzaamheden neerleggen om druk uit te oefenen op de onderhandelingen.
Vastgelopen onderhandelingen
De staking volgt op het uitblijven van een akkoord tussen vakbonden en de overheid over een nieuwe cao. Volgens de bonden zijn de huidige voorstellen onvoldoende, met name op het gebied van loonontwikkeling en arbeidsvoorwaarden.
Werknemers geven aan dat zij meer waardering verwachten voor hun werk, zeker gezien de belangrijke rol die schoonmakers vervullen binnen de overheid. “Wij zorgen ervoor dat gebouwen schoon en veilig blijven, maar dat wordt niet altijd teruggezien in onze beloning,” klinkt het vanuit de sector.
Onderdeel van landelijke actie
De actie van de RSO-medewerkers staat niet op zichzelf. In het hele land voeren rijksambtenaren actie om hun eisen kracht bij te zetten. De staking van de schoonmakers is één van de zichtbare onderdelen van deze bredere beweging.
Mogelijke gevolgen
Door de werkonderbreking kan het zijn dat overheidsgebouwen tijdelijk minder goed worden schoongemaakt. De impact verschilt per locatie, afhankelijk van hoeveel medewerkers deelnemen aan de staking.
De vakbonden hopen dat de acties leiden tot nieuwe beweging in de onderhandelingen. Of en wanneer partijen weer om tafel gaan, is nog niet duidelijk.
Met de 72-uursstaking willen de medewerkers een duidelijk signaal afgeven: zonder verbeteringen in de cao zijn verdere acties niet uitgesloten.
Publikatie SIEV Dagblad.